Christian Standaert weet de kijker te boeien door de directe verbinding tussen zijn kunst en zijn wetenschappelijke en professionele achtergrond. Als wetenschappelijk onderzoeker en voormalig hoofd van onderzoekscentrum OCAS vertaalt hij zijn fascinatie voor de mysterieuze kanten van technologie naar intrigerende kunstwerken.
Zijn werk nodigt uit om verder te kijken dan wat op het eerste gezicht wordt voorgesteld. Het roept vragen op en verwijst naar actuele maatschappelijke thema’s, zoals onze CO₂-voetafdruk en de impact van industriële evolutie. Standaerts kunst is dan ook sterk verhalend.
Opvallend is bovendien de doordachte keuze van materialen. Elk materiaal lijkt bewust gekozen om de boodschap te versterken. Zo vormen beeld, verhaal en materie samen creaties die uitnodigen tot kijken, nadenken en ontdekken.
Tentoongestelde werken
Het hoogovenproces blijft een indrukwekkend, fascinerend en enigszins enigmatisch industrieel gebeuren. Na eeuwen van technologische verfijning is het nog steeds verantwoordelijk voor ongeveer zeventig procent van de wereldwijde staalproductie, ondanks zijn aanzienlijke CO2 voetafdruk.
In dit drieluik wordt het proces verbeeld als een allegorie: een alchemistische coniunctio tussen de god van de steenkool en de godin van het ijzererts. Beide figuren zijn getekend met de materie die zij belichamen. In het middenpaneel komen hun krachten samen in de hitte van de hoogoven: steenkool levert warmte en koolstof, terwijl het erts zijn zuurstof verliest en het ijzer vrijgeeft. Uit deze vereniging ontstaat ruwijzer, de grondstof waaruit staal wordt gemaakt.
Zo slaat het werk een brug tussen mythologische verbeelding en metallurgische werkelijkheid, en verwijst het tegelijk naar een persoonlijke fascinatie voor dit vakgebied, die uitmondde in een studie metallurgisch ingenieur en een levenslange loopbaan in de staalindustrie.
Dit werk heeft de vorm van een boek, symbool voor mijn voortdurende zoektocht naar kennis. De kaft verwijst naar Leonardo da Vinci, een kunstenaar en denker die wetenschap en verbeelding wist te verbinden. Zijn studies worden hier persoonlijk: mijn hand verschijnt op de voorzijde, mijn lichaam in een Vitruviaanse compositie op de achterzijde. Wanneer het boek opent, ontvouwen zich vleugels gebaseerd op Da Vinci’s ontwerpen voor een vliegmachine. Pas wanneer ik zelf in het midden sta en mijn armen spreid, wordt het werk compleet.
Zo brengt het kunstwerk kennis, lichaam en verbeelding samen: leren stelt ons in staat verder te reiken en steeds hoger te vliegen - een idee dat ook mijn engagement in onderwijs en kennisdeling weerspiegelt, als gastprofessor aan de Universiteit Gent, als hoofd van ArcelorMittal University en als bedrijfsgids bij ArcelorMittal Gent.
Dit werk verbeeldt de massabalans van ruwijzerproductie in een hoogoven.
Uit ongeveer 0,5 ton kolen en 1,5 ton ijzererts ontstaat één ton ruwijzer. De witte lijn markeert deze hoeveelheid. Het zwarte segment binnen dit kader verwijst naar het koolstofgehalte van ruwijzer, dat ongeveer 4,5 à 5% bedraagt.
Het werk is opgebouwd uit de materialen die het zelf verbeeldt: cokeskolen en ijzererts, en legt daarmee een directe relatie tussen beeld en proces.
Dit werk verbeeldt de CO₂-voetafdruk van ruwijzerproductie, die een belangrijk aandeel heeft in de wereldwijde uitstoot van broeikasgassen. Voor de productie van één ton ruwijzer zijn ongeveer 0,5 ton cokes en 1,5 ton ijzererts nodig, waarbij circa twee ton CO₂ vrijkomt. Deze verhoudingen worden weergegeven door de oppervlaktes in het beeld.
De afdruk van een veiligheidsschoen benadrukt het industriële karakter van het proces en doorbreekt het kader, als verwijzing naar de impact op de omgeving. Tegelijk tonen enkel de noppen de effectieve contactpunten. Zo ontstaat een spanningsveld tussen schaal en efficiëntie: hoewel het proces sterk geoptimaliseerd is, leidt de wereldwijde productie van staal tot een aanzienlijke totale uitstoot. Tegelijk blijft staal onmisbaar voor de ontwikkeling van duurzame energie en infrastructuur en heeft het een lagere CO2-uitstoot dan alternatieve materialen.
Artistiek parcours
Christian Standaert maakte in 1977 als werkstudent bij SIDMAR (nu ArcelorMittal Gent) voor het eerst kennis met de staalproductie. Die ervaring groeide uit tot een blijvende fascinatie en leidde tot studies burgerlijk ingenieur metallurgie aan de Universiteit Gent, waar hij in 1982 afstudeerde.
Gedurende zijn volledige loopbaan bleef hij actief binnen de ArcelorMittal-groep, in uiteenlopende functies in Gent, Bremen, Parijs en Luxemburg. De laatste vijftien jaar was hij in Luxemburg wereldwijd verantwoordelijk voor ArcelorMittal University. Daarnaast was hij dertien jaar gastprofessor aan de UGent en geeft hij nog geregeld lezingen over staal en metallurgie.
In 2021 startte hij aan de kunstacademie MAAK in Knokke-Heist, waar hij de opleiding Levend Model volgt. Zijn ingenieursblik en belangstelling voor wiskundige structuren weerspiegelen zich in zijn tekenwerk en in zijn fascinatie voor de proportieleer van het menselijk lichaam, in de traditie van kunstenaars als Leonardo da Vinci en Albrecht Dürer.
In zijn werk komen materie, kennis en persoonlijke ervaring samen: industriële processen en het thema leren worden vertaald naar beeldende vormen waarin wetenschap, verbeelding en autobiografie elkaar ontmoeten. Voor zijn afstudeerproject aan MAAK keerde hij terug naar zijn eerste ervaringen in de staalindustrie en werkte hij met materialen zoals ijzererts en metallurgische kolen — afkomstig uit de omgeving waar hij als werkstudent betrokken was bij de monstername van grondstoffen.
Boeken de Krook
Sidmar 1962-2002: veertig jaar Staalproductie in Vlaanderen (Erik Buyst)
Onze ecologische voetafdrul: de aarde bekeken vanuit de ruimte (Stefan Dech)
Leonardo Da Vinci (Peter Nys) -(Charles Nycholl) e.a.